Weekenddrinker

“Ik ken d’r toch zeker nog wel eentje nemen?!” zei hij elke zondag met een dubbele tong, terwijl mijn moeder al bezig was de tafel te dekken voor het warme middageten. Vlug zette hij nog een fles amstel uit de kelder naast zijn bord om vervolgens tergend langzaam en morsend zijn soep op te lepelen. Daarna was het weekeinde voor mijn vader voorbij. Na het eten ging hij naar bed, om er rond een uur of half vijf met een bleek hoofd nog even uit te komen. Een kopje koffie, toch nog even de laatste flessen bier uit het krat. Grimmig zwijgen tijdens de avondboterham, en om half zeven weer onder de dekens.

Nog altijd vertellen neven, nichten en dorpsgenoten mij dat mijn vader zo gezellig was als hij bier of een borrel op had. Hoe hij met het glaasje op zijn kop wild danste tijdens feestjes. Je kon met hem lachen. En dat was ook zo. Op dat feestje. De nasleep ervan was minder gezellig.

Het is toch met schroom en schaamte dat ik dit vertel. Want hij was mijn vader, en ik hield van hem; en hij van mij, daar ben ik van overtuigd. Hij is deel van wie ik ben. En ik ben blij dat ik hem, vooral de laatste twintig jaar van zijn leven, veel vaker nuchter meemaakte, en dat dan veel meer zichtbaar werd hoe oprecht, grappig en lief hij was. En ook dat wil ik graag blijven koesteren.

Maar die andere werkelijkheid was er ook. Die heeft me in mijn kindertijd mede gevormd, én – durf ik toch ook wel te zeggen – beschadigd. Het is verbazingwekkend hoeveel details ik me nog herinner van gebeurtenissen in mijn jeugd waar drank aan te pas kwam. En hoe ik als kind probeerde pappa ervan te overtuigen dat het niet goed voor hem was. En hoe ik dan keer op keer teleurgesteld moest toezien hoe hij ook het volgende weekend, tussen vrijdagavond en zondagmiddag, weer een heel krat meester maakte. En er dús nauwelijks voor mij en voor mijn moeder was. Laat staan voor zichzelf.

“Ik gunde het die man”, zei mijn moeder de laatste jaren dikwijls, als het drankgebruik ter sprake kwam. Ik heb het nooit aangedurfd om tegen haar te zeggen wat ik eigenlijk dacht: “Ik wou dat je dat wat minder had gedaan!” Maar waarschijnlijk stond ook zij er min of meer machteloos tegenover, net zoals andere zwijgende omstanders.

Ik denk dat mijn vader in wezen, zonder daar ooit hulp voor te hebben gevraagd of gekregen – door aanleg en omstandigheden – depressief en angstig was. Dat hij de buitenwereld als een grote bedreiging zag, en dat hij daaraan probeerde te ontsnappen door van weekend naar weekend en van verjaardag naar feestje te leven. Alsof je met drank een verzachtend vlies over de harde werkelijkheid kan leggen.

Dat laatste herken ik maar al te goed. Al kan ik – al heel lang – veel beter maat houden, ook ik ken de verraderlijke valkuil van alcoholgebruik uit ervaring. De zachtheid, de warmte en het zelfvertrouwen die je in vloeibare vorm tot je kunt nemen. Maar ik leef in een andere tijd en onder andere omstandigheden, samen met andere mensen, waardoor ik geleidelijk heb geleerd, en nog steeds met vallen en opstaan opnieuw blijf leren, dat het leven pas echt geleefd kan worden als je vóelt wat er te voelen is, en je er niet voor wegkruipt.

Daarom is een vast onderdeel van de veertigdagentijd voor mij al jaren dat ik sowieso gedurende deze periode geen alcohol drink. Om mezelf en alles wat er vanbinnen is niet uit de weg te gaan. En stiekem hoop ik ook een beetje dat ik daarmee iets aan anderen meegeef. Als ik er bij stil sta, kende en ken ik van nabij immers veel lieve, aardige en talentvolle mensen die door een – al dan niet verborgen – alcoholverslaving een gestagneerd bestaan leiden, of er veel te jong aan ten onder zijn gegaan. Ik zou hen graag iets anders gunnen.

In deze periode wil ik een serie schrijfsels maken over de ontdekkingstocht naar wat “Vasten” voor mij betekent. Ik wil er wat mee experimenteren. Ik ervaar het niet als een periode van dingen “niet mogen”, maar juist een tijd om aandachtiger stil te staan bij wat er allemaal te ontdekken en te ontvangen valt als je het overbodige weg durft te laten. Misschien wil je wel mee op ontdekkingstocht.

7 gedachten over “Weekenddrinker

  1. Joke van der Veer

    Helaas heel herkenbaar. Gelukkig ben ik zelf altijd de confretatie met mezelf aangegaan maar drankgebruik van mensen om je heen waar je van houd en waat ook soort schaamte omheen hangt dat is echt afschuwelijk

  2. Els

    Wat dapper Piet, om zo over je vader te schrijven.
    Inderdaad, een groot deel van de Koekenfamilie had last van depressies en angsten.
    Ook mijn moeder was behoorlijk angstig, en verborg dat achter een vrolijk gezicht. Zonder alcoholgebruik, gelukkig.
    Zij zijn opgegroeid met de angst van oma Koek. En je mocht nooit klagen.ook oma niet. Wat een zwaar leven heeft onze oma gehad. 16 kinderen op de wereld zetten, 2 verliezen door ziekte. En tussendoor de depressies, en angsten, die ze door iedereen liet aanpraten.
    Wat leven wij in een wereld, waarin angsten en depressies geen taboe meer zijn.
    Maar er is nog genoeg drankmisbruik. Helaas.

    1. Piet

      Dank voor al jullie lieve reacties. Ik realiseer me dat het misschien voelt alsof ik “vuile was” buiten hang, die heel lang binnen heeft gelegen. En dat is misschien ook zo. Het voelde alsof het nodig was om het buiten in de wind te laten luchten. Want uit loyaliteit houd je soms onnodig oude pijn binnen en maskers op. Ik hoop dat ik het op een beetje een liefdevolle manier heb verwoord. Want ik hield wel veel van mijn ouders, en zij wilden natuurlijk ook het beste voor mij, binnen hun mogelijkheden. En zij hadden natuurlijk ook veel (bewuste en onbewuste) schade uit hun jeugd in de oorlog, en een tekort aan aandacht in die onmogelijke grote gezinnen waarin ze opgroeiden. Dus ik begrijp dat er geen opzet bij was, maar vooral onmacht.
      Wat ik daarnaast ook wel opmerkelijk vind, is dat er blijkbaar geen mensen waren die het destijds zagen of die het ter sprake durfden brengen. Dat zou als bemoeizucht gezien zijn. Maar misschien had het mij als kind wel kunnen helpen als iemand eens tegen mijn vader gezegd had “Joh, moet je niet eens hulp zoeken om van dat drinken af te komen?” Het is de vraag of we dat nu wel zouden doen als we soortgelijke situaties bij anderen zien. Misschien maakt mijn verhaal ons wat alerter

  3. Marijke Wielinga

    Lieve Piet, ik hoop van harte dat je verhaal ons
    alerter maakt, zeker als er kinderen in het spel zijn.
    En dat de cirkel van het steeds weer doorgeven van pijn etc…mee daardoor doorbroken kan worden.
    Jij hebt dat zeker gedaan! Dank 👍

  4. Ettie

    Piet, Marijke stuurde je blog door omdat ze weet dat ik ook gevormd en beschadigd ben door een vader die ooit te veel dronk. Pijnlijke herinneringen. Alles wat jij en anderen hier over zeggen is waar, de schaamte, de rol van de andere ouder, dat je als kind je vader ermee confronteert, begrip voor hoe het is gekomen en toch ook goede herinneringen aan wie hij was. We zijn met heel veel lotgenoten helaas. Je blog bracht het weer aan de oppervlakte. Goed om te lezen hoe bewust jij er mee omgaat. Dank voor het delen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *