Gestold

Zorgvuldig tegen de lantaarnpaal geplaatst. Ketting eromheen. Niemand zal ze weghalen. De twee fietsen, verstrengeld in het groen.

Misschien heb ik juist nu oog voor de bijzondere symboliek van het tafereeltje vanwege de wandeling die ik heb gemaakt. Want ik kom net uit volkstuinencomplex Amstelglorie in Amsterdam. Stiltezee van groen tussen het ruisen van snelwegen, onwerkelijk bloeiend dal tussen torenhoge hotels en kantoren.

Laatst las ik een tuindagboek over deze bijzondere oase midden in de stad, door een van beroemdste bewoners van die groene enclave: Jan Wolkers, die er in de jaren voordat hij naar Texel verhuisde met Karina een ware Hof van Eden creëerde.

En als er iemand is die de hele dynamiek van leven en dood, verval en bloei hartstochtelijk heeft beschreven en verbeeld is het Jan Wolkers. Met rode konen las ik juist in mijn wat stoffige theologiejaren zijn grote, rauwe en nietsverhullende romans. En in zijn achtertuin werd leven en sterven één troostrijk groots verband.

En nu dus, schuin tegenover de ingang van Amstelglorie, sta ik, op een drukkend hete zomermiddag oog in oog met verbondenheid en vergankelijkheid. De twee fietsen, als gestold in hun snelheid. Haagwinde en ander enthousiast groen ontneemt ze hun contouren.

Ik stel me het oudere echtpaar voor, dat ze eens hebben gedragen. Eén is plotseling onwel geworden. Afgevoerd met de ambulance. En na zíjn dood heeft zíj nooit meer aan de fietsen durven denken. De vroegere snelheid van hun bestaan achter zich gelaten. Hun herinneringen overwoekerd. De toekomst samen uitgewist.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *