Categorie archief: Jeugd

Bandjes Voor Opa en Oma

20150601_203913

In ons berghok staat een groot krat met allerlei op het oog waardeloze prullen. Het zijn herinneringen uit mijn kinderjaren. Onder invloed van mijn omgeving is de hoeveelheid materiaal de afgelopen jaren al sterk geslonken; van een hele kast vol tot dit ene krat. Hij zit overigens wel barstensvol en is loodzwaar. Af en toe, als ik ineens een paar uurtjes vrij heb, voel ik me ertoe aangetrokken. Ik blader door de schoolschriftjes, mijn tekenpogingen, de verzameling pijpenkoppen. En ik ontdek het handjevol cassettebandjes dat van mijn ooit imposante verzameling is overgebleven. Drie ervan staan vol met opnames die ik zo rond mijn elfde voor opa en oma heb gemaakt.

20150426_195558

Ze woonden nog in hun eigen huis op de Bakhuizenlaan in Leimuiden, een paar honderd meter bij ons vandaan. En ik zocht ze vaak op. Opa was in die tijd al behoorlijk slechtziend, en daarom door een goedbedoelende maatschappelijk werkster aangemeld voor het lidmaatschap van de blindenbibliotheek. Dan kon hij per telefoon bestelde en per post bezorgde luisterboeken afspelen op een meegeleverde cassettespeler. Nou kwam daar niet zo gek veel van terecht, deels omdat oma, die immers ook in de woonkamer zat dan altijd mee moest luisteren en haar interesses nou niet bepaald overeenkwamen met die van opa. Ze begon er tot razernij van opa doorheen te praten als er net iets belangrijks werd verteld. Daarnaast waren ze beiden voortdurend aan het worstelen met het apparaat en zijn vele knoppen en schuifjes. “Verdeeje nog an toe!” klonk het als er weer vooruitgespoeld bleek te zijn in plaats van achteruit. De blindenbibliotheek werd al spoedig vergeten. Maar het apparaat stond er nog en elke dinsdagavond kwam ik langs om muziek met ze te draaien.

20150601_201511

Tussen zeven en acht, voordat het Journaal aanging en ik tussen hen in koffiedrinkend het wereldnieuws tot me nam, bediende ik de knoppen en liet ze alles horen wat zij wilden (en naar ik vrees vooral wat ík wilde) Ik kwam zelfs op het idee thuis ook zelf opnames voor ze te maken. Voor een groot deel met een slechte recorder van een oude pick-up opgenomen langspeelplaten van Klaus Wunderlich of Cor Steijn. Maar af en toe lees ik zélf gedichtjes voor en speel ik stukjes voor ze op mijn mondharmonica of het elektronische orgel. Terugkijkend moet ik constateren dat ik ze nou niet altijd het meest frivole materiaal voorschotelde. Kerkliederen en gedichten over zware volwassen onderwerpen. Je kunt wel merken dat ik meer met volwassenen dan met kinderen omging. Het volgende gedichtje (uit een gedichtenbundeltje van Removos, zoals ik professioneel aankondig), behoort nog tot het meest luchtige dat erop staat. Ik luister er zelf steeds met verwondering naar. De baard nog bij lange na niet in de keel. Het jongetje dat ik was:

Dit luisterend voel ik mezelf weer tussen hen in zitten op die dinsdagavonden. Mijn keukenstoel altijd al uitnodigend klaarstaand tussen hun grote stoelen. Het was verzengend heet in de kleine woonkamer, de koffie met veel suiker en melk was lauw, de koekjes (Jan Hagel of Bokkenpootjes in de zomer, Speculaas in de winter) kruimelden en mijn ogen traanden van de dikke rook die in de kamer hing. Overdag rookte opa pijp, maar ‘s zondags en ‘s avonds waren er sigaren. Agio Gouden Oogst op hoogtijdagen. Graaf Tilly voor de doordeweekse avond. Heerlijk! Het was feest bij opa en oma. Ik hield van ze. Ik mocht blijven tot negen uur; dan moest ik terug naar de Oosterweg, want de volgende dag was er weer school. Voordat ik wegging zette ik het apparaat nog een keer voor ze aan, zodat ze nog een poosje konden luisteren naar mijn opnames. Bandjes voor opa en oma. Annie’s Song, gespeeld en zelfverzekerd aangekondigd door kleine Piet: